De foto Dr Hans Anten

uu logo

In het academisch jaar 2004/2005 verzorgde Hans Anten onderwijs in de bacheloropleiding Nederlandse taal en cultuur en in het masterprogramma Nederlandse literatuur.

 


Literaire Analyse

Gerrit KouwenaarDe cursus Literaire Analyse (niveau 1) wordt in het eerste blok gegeven aan neerlandici en studenten Taal en Cultuurstudies. De werkcolleges, die twee keer per week werden gegeven, maken de studenten vertrouwd met een instrumentarium met behulp waarvan lyrische, epische en dramatische teksten geanalyseerd en geïnterpreteerd kunnen worden. Die teksten zijn afkomstig uit de middelnederlandse, vroegmoderne en moderne Nederlandse letterkunde. Centraal  staan onder meer Joost van den Vondels tragedie Jeptha, verhalen van Nescio, F. Bordewijk, W.F. Hermans en Gerard Reve, de roman Russisch blauw van Rascha Peper, middelnederlandse poëzie en gedichten van P.C. Hooft, Constantijn Huygens, Jan Luiken, P.C. Boutens, J.C. Bloem, M. Nijhoff, Rutger Kopland, Anneke Brassinga en Gerrit Kouwenaar.


Nieuwe Zakelijkheid

M. Revis In het derde blok staat in een casuscursus (niveau 3) de Nieuwe Zakelijkheid centraal, en wel in het bijzonder de zogeheten literaire stroming, die in Nederland aan het eind van de jaren twintig van de vorige eeuw doorbrak en een korte hausse kende.  Tijdens de colleges werd ondermeer ingegaan op de schilderkunstige en architectonische equivalenten van de nieuwe zakelijkheid, op de nationale en internationale literair-historische context die de omstandigheden belicht waardoor de stroming kon doorbreken, op de nogal uiteenlopende ideologische en literaire definiëring van de stroming in de contemporaine poëticale en kritische geschriften, op de aard van de (literaire) teksten die nieuw zakelijk werden en worden genoemd en op de verschillende latere wetenschappelijke reflecties op het veelduidige fenomeen van de nieuwe zakelijkheid. En nadere beschrijving van inhoud, cursusdoelen, werkvormen en toetsen treft men in de Bachelor-studiegids.


Inleiding tot de geschiedenis van de moderne Nederlandse literatuur

In blok 4 wordt aan deeltijd- en voltijdstudenten de cursus Inleiding tot de geschiedenis van de moderne Nederlandse literatuur (niveau 2) gegeven. Deze zogenaamde verplichte thematische cursus geeft een eerste introductie op de belangrijkste stromingen, perioden en (sub)genres uit de negentiende en twintigste eeuw. De hoorcolleges belichten in chronologische volgorde de grote lijnen van onze moderne literatuurgeschiedenis voor het proza en de poëzie. Tijdens de werkcolleges wordt uitvoerig stilgestaan bij een aantal gecanoniseerde literaire teksten die exemplarisch genoemd kunnen worden voor de reeks tijdvakken en stromingen die in de hoorcolleges centraal staan. Tot die teksten behoren onder meer poëzie van Willem Bilderdijk, Nicolaas Beets, Hendrik Tollens, Jacques Perk, Adriaan Roland Holst, Paul van Ostaijen, Vasalis, Lucebert en Dirk van Bastelaere. Proza komt aan bod van onder anderen Arnout Drost, Hildebrand, Marcellus Emants, F. Bordewijk, Gerard Reve en Peter Verhelst. Op de website van de afdeling Moderne Letterkunde zijn opzet en organisatie van deze cursus beschreven. Tevens treft men daar het door Anten geschreven hoofdstuk aan uit de bij deze colleges gebruikte syllabus. Dat hoofdstuk heeft betrekking op het naturalisme, de historische avantgarde en het modernisme in relatie tot het proza.


Erfgoed 1

Louis CouperusOnder de titel Erfgoed wordt in blok 1 en 3 een cursus gegeven in het kader van de master Nederlandse literatuur, met het profiel Moderne Letterkunde. Deze cursus heeft een tweeledig doel. Hij verdiept de belezenheid van de canon van de moderne literatuur. De behandelde teksten zullen tevens dienen als een introductie op belangrijke benaderingswijzen van de modern- letterkundige neerlandistiek als vormen van literatuurgeschiedschrijving, verschillende typen tekstinterpretatie, receptie- en poëtica-onderzoek, editietechniek, reflectie op canonvorming, ideologiekritiek, genderonderzoek en allerlei contextueel onderzoek.
In het eerste blok staan primaire teksten centraal die dateren uit de periode 1800 - 1900. De colleges worden gegeven door docenten van de afdeling Moderne Letterkunde. In het door Anten verzorgde college uit de reeks Erfgoed 1 wordt ingegaan op de roman Noodlot (1891) van Louis Couperus in relatie tot het concept 'naturalisme' zoals dat in enige toonaangevende studies op basis van een inductief en extern-poëticaal onderzoek gestalte heeft gekregen. Daarnaast zal de roman geconfronteerd worden met het concept 'decadentie' zoals dat bijvoorbeeld gedestilleerd kan worden uit de essaybundel Leven in extase. Het volledige programma van deze mastercursus treft men onder Erfgoed 1.


Erfgoed 2

Frans Kellendonk In blok 3 wordt de cursus Erfgoed 2 gegeven. De daarin behandelde teksten zijn verschenen in de periode 1900 - 2000. In het door Anten gegeven college staat Mystiek lichaam (1986) van Frans Kellendonk centraal. Tot op de dag van vandaag is deze roman een bron van veelal drastisch geformuleerde ideologisch getinte reacties die vooral te maken hebben met de interpretatie van motievencomplexen als homoseksualiteit en antisemitisme. Bestudering van enige contemporaine besprekingen, latere reflecties, poëticale uitspraken en het literaire mechaniek dat in Mystiek lichaam werkzaam is, kan een veelzijdig licht werpen op zowel de inzet van de moraal in kritiek en literatuur als op de moderne moraliteit die deze roman is. 


Actuele Romans

Leon de Winter In het derde blok wordt de casuscursus Actuele romans (niveau 3) gegeven. Tijdens een achttal colleges zullen evenzovele recent verschenen romans worden geanalyseerd en becommentarieerd. De roman die onder leiding van Anten werd belicht is God's gym uit 2002 van Leon de Winter.